Algemene Beschouwingen over de Begroting Noord-Holland 2016

09-11-2015 Begroting 2016 De Ouderenpartij NH heeft bij monde van de fractievoorzitter Dhr. Jeff Leever een aantal opmerkingen gemaakt over de Begroting 2016 van de Provincie Noord-Holland. Aan de hand van een viertal items heeft hij het een en ander gezegd over de begroting. Deze items waren het sociaal domein, de financiën, apparaatskosten en de demografische krimp.

 

ALGEMENE BESCHOUWINGEN

PROGRAMMABEGROTING

2016

PROVINCIE NOORD-HOLLAND

Ouderenpartij NH

www.ouderenpartij-nh.nl

Vergadering Provinciale Staten Noord-Holland

9 november 2015

 

Agendapunt 9 / Voordracht 67

Ontwerpbegroting 2016 en Memorie van Antwoord en Productenraming

 

MdV deze begroting 2016 is de eerste volledige begroting, die geheel onder het regiem van de coalitie-accoord “Ruimte voor groei” is opgesteld en als zodanig kunnen we deze begroting ook uniek noemen.

Echter in een ander opzicht is deze begroting ook uniek, het is namelijk de eerste begroting in tientallen jaren en misschien wel in de geschiedenis van de provincie Noord-Holland, waarin het sociaal domein geheel ontbreekt. Niet dat het sociaal domein zichzelf uit de begroting heeft teruggetrokken, zeker niet. Het bestuur van de provincie Noord-Holland zelf heeft daadkrachtig het sociaal domein uit de begroting verwijderd.

Wat blijft dan over, wat is nu de hoofdtoon van uw college accoord en begroting?

Heel duidelijk is toch wel dat dit de economie is, als de economie maar groeit, dan komt alles goed.

Door hier en daar het woordje duurzaam en duurzaamheid in het college-accoord en de begroting te plaatsen, wilt u aangeven dat het milieu niet vergeten wordt.

Echter kunnen duurzaamheid en economische groei wel samengaan. Tot nu toe is dat nog steeds niet gelukt en dat wordt ook algemeen erkend.

We zouden zonder probleem het nut van het sociaal domein ook voor de provinciale begroting kunnen aangeven, zoals we in het verleden meerdere keren hebben gedaan, maar we zijn er aan gewend, dat u daar geen boodschap aan hebt.

Wat betreft dat sociale domein leek het ons eens goed te kijken en te luisteren wat collega-provincies hierover te zeggen hebben.

Gezien onze spreektijd hebben we ons beperkt tot een 3-tal provincies.

 

We beginnen met Overijssel

We lezen daar in hun college-accoord:

De sociale kwaliteit in Overijssel wordt gekarakteriseerd door ‘noaberschap’. Dit komt onder meer tot uiting in de vele vrijwilligers, de lokale initiatieven voor de eigen leefomgeving en de coöperaties op het gebied van duurzaamheid.

Sociale kwaliteit is een geïntegreerd onderdeel van de verschillende kerntaken van de provincie. Het stimuleren van initiatieven van onderop en het bevorderen van participatie krijgt binnen de kerntaken vorm. Via het Noaberschapfonds blijven wij dit ondersteunen.

Aan het huidig beschikbare budget voor het sociale domein wordt niet getornd.

Criteria voor het inzetten van dit geld zijn: stimuleren zelf organiserend vermogen, gemeente- en thema-overschrijdend, financiering op project- en programmabasis en het leveren van een bijdrage aan provinciale doelen.

Op deze manier blijven wij investeren in de sociale kwaliteit van de provincie.

 

Dan nu Groningen

Over de sociale agenda en zorg is concreet in het Collegeakkoord het volgende opgenomen:

  • Onze inwoners staan centraal in een samenleving die zorg voor elkaar heeft. We vinden het belangrijk dat iedereen een gezond leven, een gezonde leefomgeving en goede zorg krijgt. Wij ondersteunen desgevraagd gemeenten en samenwerkingsverbanden die zorg bieden aan specifieke doelgroepen.
  • Onze rol in het sociaal beleid is samenbinden, regisseren en kennis delen met aandacht voor jeugd, ouderen, gehandicapten, vrijwilligers, mantelzorgers, asielzoekers, allochtonen en armoede bestrijding.
  • Op regionaal niveau ondersteunen wij vrijwilligersorganisaties die gericht zijn op het verbeteren van de leefbaarheid.
  • Gemeenten worden in de gelegenheid gesteld om middelen uit het leefbaarheidsfonds in te zetten om welzijns- en zorgvoorzieningen op lokaal en regionaal niveau te behouden en te versterken.

 

Als laatste Limburg

Van alle provincies heeft Limburg verreweg het meeste geld gereserveerd voor het sociale domein. Voor de periode 2016-2020 is er in totaal voor de ‘sociale agenda’ 28 miljoen euro beschikbaar, zoals vastgelegd in het nieuwe coalitieakkoord. Limburg investeert niet in individuele burgers, maar wel in het sociale domein. Samen met gemeenten, maatschappelijke organisaties en zorgverleners wordt gekeken waar de structuur kan worden versterkt, zodat gemeenten zelfstandig verder kunnen met een lager budget

De komende maanden wordt deze sociale agenda verder uitgewerkt en in concrete projecten vertaald. Aan het einde van het jaar zal hierover meer duidelijk worden. Innovatie zal een belangrijke rode draad zijn. Zo kan worden gedacht aan vernieuwing en uitbreiding van technologische toepassingen in de ouderenzorg. De insteek is dat gemeenten met dergelijke structuurversterkende maatregelen in staat worden gesteld goedkoper zorg en ondersteuning te verlenen, maar wel van goede kwaliteit.’

MdV u zult denken € 28 mln voor de periode 2016-2020 dat is wel veel geld, maar dat college in Limburg zal wel gevormd worden door heel vreemde Limburgse provinciale partijtjes.

En welke partijtjes zitten daar dan in het college: VVD, CDA, PvdA, D66 en SP, u hoort het goed vrijwel hetzelfde college als hier in Noord-Holland.

Wat zijn dat voor landelijke partijen, die provinciaal geheel tegengesteld opereren. Is dat hun duidelijkheid en transparantie voor de burger.

Laten we het positief benaderen en het er op houden, dat het CDA en de PvdA hier in Noord-Holland om duistere redenen hun identiteit verloochenen, niet leuk voor hun kiezers, maar het is nier anders.

Samengevat MdV: het is een verademing als we zien hoe andere provincies omgaan met het sociale domein c.q. de sociale agenda.

Uw college-accoord steekt daar schril bij af. De sociale leegte daarvan is stuitend en uw beperkte maatschappijvisie die uit het college-accoord naar voren komt, is verontrustend beperkt.

Het is een begroting met als trefwoorden, economisch groeien, vitaliteit, ondernemen, investeren, innoveren, werk en welvaart. Dit is geen overheid meer maar een technisch bedrijf.

Maar wat hebt u de burger, die wat minder vitaal is, die wat minder ondernemend is, die wat minder innoverend is, te zeggen?

Deze burger komt niet aan de orde in uw begroting. Wij denken dat dat deze burger ook geen boodschap heeft aan deze begroting en de provincie links laat liggen en zich meer thuis voelt in zijn of haar gemeente en regio.

MdV er is meer dan alleen groei van de economie van belang in onze samenleving en ook van groter belang.

De Ouderenpartij NH wil blijvend aandacht besteden aan het sociale domein, waarin het sociale kapitaal een belangrijke rol speelt, daar waar zinvol willen wij dat ondersteunen. We moeten zuinig zijn op de vele vrijwilligers en mantelzorgers, die in onze participatiemaatschappij een steeds belangrijkere rol gaan spelen.

Financiën

MdV dan nu de financiën, uit uw begroting blijkt dat in het begin van de twintigerjaren van deze eeuw de reserves opraken. Is dit verontrustend, wij denken van niet. Hoe is het gegaan in het verleden, hoe kwam de provincie, maar ook andere provincies, Gelderland op kop, aan zoveel geld. Dit heeft alles te maken met de verkoop van NUON aan het Zweedse bedrijf Vattenfall in 2009. Opbrengst voor Noord-Holland € 900 mln.

De totale reserve in 2009 was rond € 1,6 miljard. En dit geld is in de loop der jaren zeer beheerst ingezet voor allerlei investeringen en dan raakt het langzaam maar zeker ook op. Het gevolg van die ruime financiële middelen is ook geweest, dat de opcenten jarenlang niet zijn verhoogd en zelfs de laagste zijn in Nederland 67,9. Het provinciaal gemiddelde is 82,1

Het lijkt ons gewenst om in deze statenperiode ons te oriënteren op de komend financiële situatie, wat is de oplossing vermindering van de uitgaven of een verhoging van de opcenten of een combinatie van beide?

We wachten rustig die discussie af en zullen daar zeker aan deelnemen.

Eindelijk krijgen we dan een provincie die financieel op eigen benen moet staan en moet leven van haar structurele inkomsten: de opcenten (nu 2016 rond € 190 mln) en de provinciefondsuitkering (nu € 198 mln) en dat in structureel evenwicht met de uitgaven.

De verdeelsleutel van de apparaatskosten

Meerdere keren is het aan de orde geweest de grote fluctuaties in de apparaatskosten in de budgettabellen. Wat is nog de betrouwbaarheid van de budgettabellen en dus de begroting. Het gebruik van een verdeelsleutel voor de apparaatskosten is de oorzaak wordt gezegd.

De vraag is dan direct waarom gebruikt de provincie een verdeelsleutel voor de apparaatskosten in plaats van gewoon de apparaatskosten nauwkeurig te begroten.

Al tientallen jaren doet de provincie hetzelfde werk overeenkomstig haar wettelijk taken pakket. Na al die jaren moet de provincie dat werk wat betreft apparaatskosten toch nauwkeurig kunnen begroten. Waarom doet de provincie dit niet en blijft hangen in een onnauwkeurig broddelwerk of heeft de provincie iets te verbergen. Eenzelfde gevoel krijgen als we een heel eenvoudige vraag stellen over het gemiddelde bruto salaris van een provincie ambtenaar. Gaarne een reactie.

Nieuwe opzet Begroting met nieuwe format bij programma 6 Groen

Met behoud van de doelenboom zijn in dit programma de abstracte budgettentabellen van steeds maar weer apparaatskosten, directe lasten, overdrachten en bewerkingen op de reserves vervangen door budgettabellen, die ingevuld zijn met het concrete werk op het terrein Groen. MdV een verademing. Als we er ook vanuit kunnen gaan dat de genoemde bedragen in de tabellen nu wel nauwkeurig zijn, dan vindt de Ouderenpartij NH dat de gehele begroting omgezet mag worden naar de nieuwe opzet van programma Groen. Dan zijn we eindelijk van die onnauwkeurige en abstracte budgettabellen af en dat is misschien nog wel het belangrijkste:

de provinciale begroting wordt leesbaar voor de belangstellende burger.

 

Het duocommissielid (om politiek tactische redenen niet uitgesproken)

MdV vlak na de verkiezingen van maart j.l. is dit punt meerdere keren aan de orde geweest. De onvrede van de kleine partijen met één duocommissielid per fractie was en is nog steeds groot. Er wordt weleens gezegd, dat de kiezer heeft beslist dat de éne fractie klein en de andere fractie groot of middelgroot is. Dat is volkomen juist. Al heeft een kleine fractie van bijv. 2 Statenleden 10 duocommissieleden, deze fractie blijft klein en heeft in PS 2 stemmen en dat blijft zo. De kiezer heeft dat zo beslist.

Maar het gaat om een ander punt. Geven we een kleine fractie een voldoende aantal duoleden zodat die fractie in staat is op een goede manier mee te doen aan alle vergaderingen en bijeenkomsten naast de PS-vergadering.

Dat heeft volgens de Ouderenpartij NH direct te maken met een goed democratisch functioneren van deze bestuurslaag.

Daar heeft de kiezer niet over beslist. Wij zijn er van overtuigd dat de kiezer dit desgevraagd ook zal ondersteunen. Veel gemeenten en provincies gaan daar ook vanuit en zijn in de toewijzing van duoleden ook veel ruimhartiger.

Wij komen met de ander kleine fracties met een motie over dit onderwerp.

 

Demografische krimp

MdV in meerdere gebieden in Nederland treedt een demografische krimp op. Ook Noord-Holland heeft daar mee te maken.

Aan de ene kant worden er minder kinderen geboren, maar er is ook nog steeds een trek van vooral jonge gezinnen naar de Randstad, waardoor vooral de zuidelijke en noordelijke streken leeglopen.

Bij 124 basisscholen in Nederland gingen vorig schooljaar de deuren definitief dicht. Het is het hoogste aantal sluitingen dat de Dienst Uitvoering Onderwijs ooit vaststelde.

De komende jaren wordt een verdere daling van het aantal leerlingen verwacht. Tussen nu en 2020 neemt het aantal scholieren volgens schattingen af met 100.000 kinderen, dat is zo’n 6 procent. Lokaal kan dit percentage zelfs oplopen tot 20 procent, meldt de Onderwijsraad.

Ook in uw begroting noemt u dit onderwerp. Terecht wijst u op de afnemende omvang van de beroepsbevolking met uiteindelijk als gevolg een krimpende economie, in Japan is dat al het geval.

Het is toch de beroepsbevolking, die grotendeels de uitgaven van de overheid mogelijk maakt.

Wanneer we daar de toenemende vergijzing bij betrekken dan wordt de situatie nog nijpender.

Met een mooie volzin reageert op deze problematiek: (pag. 106 begroting)

“De provincie zet zich in om op integrale wijze de economische vitaliteit en leefbaarheid te stimuleren, met name op het platteland.”

Kunt u aangeven hoe dit werkt, hoe daarmee de demografische krimp wordt tegengegaan?

De Ouderenpartij NH is van mening, dat de omvang van de beroepsbevolking van groot belang is voor de toenemende kosten van de vergrijzing. Het percentage 65-plussers is al lange tijd stijgende. Echter niet de vergrijzing maar de ontgroening (minder jeugd) is het demografische probleem.

En deze ontgroening vindt in alle welvarende landen van West-Europa plaats.

De beste investering in de economie is geen financiële, maar er voor te zorgen dat de omvang van de beroepsbevolking niet afneemt, dus meer kinderen.

Dat is toch iets anders dan uw volzin.

“De provincie zet zich in om op integrale wijze de economische vitaliteit en leefbaarheid te stimuleren, met name op het platteland.”

 

MdV tot zover mijn eerste instantie,

 

Jeff Leever

Ouderenpartij NH