De windmolens langs de Westfrisiaweg komen er

07-02-2017 Noordhollands Dagblad Ruime meerderheid in Provinciale Staten voor Windpark Westfrisia. Ze hadden het wel zien aankomen, maar toch. De teleurstelling bij tegenstanders van windpark Westfrisia in Zwaagdijk-Oost is enorm. Provinciale Staten stemden gisteren in met de komst van het windpark, waar 97 procent van de bevolking plus de gemeente Medemblik zich tegen verzetten.

Een voorstel van de SP om de windmolens van Westfrisia in het Westelijk Havengebied van Amsterdam te plaatsen, waar niemand er last van heeft, kreeg nauwelijks steun. SP’er Marnix Bruggeman wist te melden dat het Amsterdamse Havenbedrijf open stond voor die constructie. Maar volgens gedeputeerde Jack van der Hoek was het allemaal niet zo eenvoudig. “Er was geen politieke wil om tot een oplossing te komen’’, reageert André Karsten van Stuurgroep Tegenwind. “Ons woongenot is de komende decennia verpest. Dat vind ik niet te verteren.’’

Maria Weeber van Tegenwind had de Statenzaal al halverwege het debat verlaten. Ze kon de argumenten van de politici niet meer aanhoren. De inwoners van Zwaagdijk-Oost en Westwoud overwegen nog een gang naar de Raad van State. Ze voelen zich het afvoerputje van Noord-Holland. Overal in de provincie is de minimale afstand tussen woningen en windmolens 600 meter, alleen hier is het maar 500 meter. Dat komt omdat het een oud plan is, dat onder een overgangsregeling valt. In het ene beleidsstuk van de provincie (voor de N23) is Zwaagdijk landelijk, in het andere (voor het windpark) verstedelijkt. Maar voorstanders van het windpark verwezen het verwijt ’gelegenheidsplanologie’ te bedrijven naar de prullenbak.

Ook de commotie over het windmolencontract dat het kerkbestuur tekende kwam ter sprake. De kerk tekende onder druk van een astronomische schadeclaim. Veel Statenleden zijn hiervan geschrokken, maar de handtekening van het kerkbestuur staat en is geen aangifte gedaan van bedreigingen. Rina van Rooij (PvdA) zei wel: “Dit geeft me een onbehaaglijk gevoel.’’

De kloof tussen burger en politiek werd pijnlijk zichtbaar, gisteren in de Statenzaal van de provincie Noord-Holland. Politici die over regels praten, gefrustreerde burgers die het allemaal niet begrijpen.
De Zwaagdijkers snappen niet dat de velden rond hun dorp in een beleidsstuk van de provincie als ’verstedelijkt’ zijn bestempeld. Ze snappen ook niet dat overal in Noord-Holland 600 meter de grens is tussen de woningen en windmolens, behalve in Zwaagdijk-Oost. En ze snappen niet dat de politici onthutst zijn over het keiharde spel dat gespeeld is met het kerkbestuur, maar dat niet afstraffen met hun stemgedrag.

De voorstanders van het windpark willen vaart maken met duurzame energie. Sommigen gaat het allemaal niet hard genoeg. Tot zover kunnen de Zwaagdijkers ze volgen. Maar zodra de juridische argumenten van stal komen, haakt de publieke tribune af. De bedreigingen van het kerkbestuur zijn erg, maar er is geen aangifte gedaan, dus dan is het niet erg genoeg.

En het windpark valt onder een overgangsregeling, dus gelden hier andere regels. “We zijn geen juristen, maar politici’’, probeert Marnix Bruggeman (SP), tegenstander van het windpark. “We moeten ons behalve door regels laten leiden door compassie en ethiek.’’ Maar de oplossing die hij voor ogen heeft – een molenruil met Amsterdam – krijgt nauwelijks steun.

Menno Ludriks (PVV) wil het windpark ook niet omdat 97 procent van de bewoners tegen is. “We besluiten hier niet op basis van percentages’’, reageert gedeputeerde Jack van der Hoek. Een ruime meerderheid steunt het plan. VVD’er Andrea van Langen stemt niet mee, zij zit ook in de gemeenteraad van Medemblik die unaniem tegen de molens is. “Jullie leven in een andere wereld’’, zegt Zwaagdijkse Marina Konijn na afloop van het debat tegen Jitske Haagsma (CDA). “Jullie begrijpen niet wat gewone mensen denken. Bijvoorbeeld dat het kerkbestuur had aangifte moeten doen. Dat doen mensen niet zomaar.’’ Buiten zijn de tegenstanders toch weer strijdlustig. “Ze zijn nog niet van ons af’’, zegt Zwaagdijker Hans Mels. “We zijn net het kleine Gallische dorpje.’’

Auteur Connie Vertegaal