Frusteren ouderen de woningmarkt?

25-05-2018 Binnenlands Bestuur Hoewel het aantal alleenstaanden in Nederland de komende tien jaar veel harder groeit dan het aantal gezinnen, blijft de vraag naar eengezinswoningen onverminderd hoog. Dat komt omdat veel (toekomstige) alleenstaande 65-plussers langer in hun eengezinswoning blijven wonen, waardoor de doorstroming op de huizenmarkt niet tot stand komt.

Dat concludeert RIGO Research en Advies op basis van cijfers van verhuisbewegingen van het CBS. Uit het onderzoek komt naar voren dat het aantal alleenstaanden over tien jaar met circa 424.000 zal zijn toegenomen.

Zo’n 80 procent van die groei komt voor rekening van 65-plussers. Omdat zij vaak geen nieuwe relaties meer aangaan en gehecht zijn aan hun leefomgeving, is hun verhuisbereidheid laag. Zij blijven vaak wonen in hun eengezinswoning. Het aantal gezinnen neemt tot 2028 naar verwachting slechts met ongeveer 3.000 toe.

Toch zal de schaarste aan eengezinswoningen volgens de onderzoekers blijven. Niet alleen ouderen, ook negen op de tien ruimbehuiste ‘empty- nesters’ blijkt vijf jaar nadat de kinderen uit huis verdwenen nog in hetzelfde huis te wonen. En verhuist deze groep dan toch, dan vaak opnieuw naar een eengezinswoning. Volgens de onderzoekers is het verleidelijk om gezien de demografische ontwikkeling bij nieuwbouw hoofdzakelijk op appartementen in te zetten. Maar die neiging doet geen recht aan de woonbehoefte.

Volgens RIGO hoeven voor de 424.000 nieuwe alleenstaanden slechts 292.000 appartementen te worden gebouwd. En ondanks de geringe groei van het aantal gezinnen vraagt de markt de komende tien jaar om 223.000 extra eengezinswoningen.

Auteur: Martin Hendriksma