Verdroging Nederland is een politieke keuze

16-04-2020 ND Het regent al weken niet meer en als dit weerpatroon in mei doorzet, is de kans groot dat Nederland deze zomer weer met droogte te maken krijgt. Dat Nederland verdroogt, komt niet alleen door de klimaatverandering. De droge zomers van 2018 en 2019 hadden grote gevolgen. Huizen verzakten door het inklinken van de grond, omdat er te veel grondwater werd opgepompt. Ook de landbouw en natuur leden schade. Het is nu weer droog in Nederland. Sinds half maart is er bijna geen druppel regen meer gevallen. ‘Droogte hoort bij april, maar het is iets om in de gaten te houden. Meestal verdampt er meer water als we richting de zomer gaan’, zegt Niko Wanders, universitair docent Hydrologie aan de Universiteit Utrecht. Natuurbeheerders en boeren nemen sinds de droge zomers van 2018 en 2019 maatregelen om meer water vast te houden, vertelt hij. ‘Bij natuurgebieden houden ze liever te veel vast dan te weinig. Daar kunnen ze op allerlei manieren het water langzamer laten afstromen naar de beken en slootjes. Voor boeren is dit ingewikkelder, want zij willen het land wel op kunnen. Het mag niet te nat worden. Zij kunnen duikers afsluiten om meer water vast te houden in de sloten.’ Duikers zijn de buizen die ervoor zorgen dat het water van de sloten onder opritten of wegen door kan stromen.

Na de droogte van 2018 is er een Beleidstafel Droogte geweest, een overleg tussen overheid, waterbeheerders en kennisinstellingen. ‘Er zijn allerlei maatregelen bedacht die genomen kunnen en moeten worden om meer water vast te houden’, vertelt Wanders. Hij is zelf betrokken bij het maken van seizoensvoorspellingen. ‘Op Europees niveau worden die al gemaakt. Wij willen die voorspellingen toespitsen op Nederland. Het KNMI gaat over het weer. Hydrologen kijken ook naar het watersysteem. Dat reageert langzamer dan de atmosfeer. Als bijvoorbeeld in Duitsland en Zwitserland het grondwater laag staat, de bodem droog is en er weinig sneeuw ligt, dan betekent dit dat het in Nederland ook droog zal worden. Je weet dan al dat er via de Rijn minder water naar Nederland zal stromen. Daarop kun je je maatregelen aanpassen. Je kunt bijvoorbeeld het waterpeil in het IJsselmeer hoger houden of polders onder water zetten, om zo veel mogelijk water vast te houden.’

maximale gewasproductie
De verdroging van Nederland is niet alleen het gevolg van klimaatverandering, zegt zelfstandig ecohydroloog Flip Witte, die tot vorig jaar aan de Vrije Universiteit bijzonder hoogleraar in de ecohydrologie was en onderzoeker bij onderzoeksinstituut KWR. De droogte van de hoge zandgronden is een probleem dat na de Tweede Wereldoorlog is ontstaan, vertelt hij. ‘Toen is grootschalige ruilverkaveling uitgevoerd en zijn er waterbeheersplannen uitgevoerd die volledig op ontwatering en waterafvoer waren gericht.’ Dat gebeurde om een maximale gewasproductie te halen. Boeren lijken daar rechten aan te ontlenen, zegt hij. ‘Als een waterschap de slootkanten niet op tijd maait waardoor het water niet snel wordt afgevoerd en het land voor de boeren te nat is, kunnen ze een schadeclaim indienen. Als het te droog is omdat er drinkwater is gewonnen, kunnen ze ook een claim indienen. Niet iedere boer is tevreden met het uitgekeerde bedrag. Er is zelfs een advocatenbureau actief dat boeren oproept collectief een hogere vergoeding te eisen voor de door drinkwaterbedrijven veroorzaakte droogteschade.’
Doordat het waterbeheer is gericht op maximale gewasproductie, hebben we goedkoop eten in de winkel, maar er is aanzienlijke nevenschade die we ook betalen, zegt Witte. ‘In het westen van het land pompen we ons rot om de polder droog te houden, huizen verzakken, de waterkwaliteit in sloten gaat achteruit en door de verdroging komt in veengebieden CO2 vrij dat weer bijdraagt aan klimaatverandering’, somt hij op. De verdroging in Nederland is volgens hem een politiek probleem.
‘Twee derde van Nederland is landbouwgrond en we hebben ervoor gekozen om het waterbeheer daar af te stemmen op optimale gewasproductie.’ Meer water vasthouden, zal volgens hem leiden tot minder intensieve landbouw. ‘We moeten niet de wil hebben om als klein landje tweede exporteur landbouw te zijn’, vindt hij. Minder oogst in droge jaren hoort er volgens hem bij. ‘Dat was vroeger ook zo. In een droog jaar had je productieverliezen, maar die werden gecompenseerd door hogere prijzen van de productie.’

Hij vindt het raar dat alleen de landbouwschade in Nederland lijkt mee te tellen, niet de natuurschade. ‘Als Natuurmonumenten een eeuw lang werkt aan bloemrijk schraal grasland met orchideeën, kan dat door een te lage grondwaterstand naar de knoppen worden geholpen.’ Verdroging kan volgens hem ook worden tegengegaan door het beregenen beter te regelen. Steeds meer boeren pompen grondwater op, om dat over over de akkers en weilanden te sproeien.
‘In een droge zomer worden burgers opgeroepen zuinig om te gaan met water, maar in Brabant werd in de zomer van 2018 evenveel grondwater opgepompt voor beregening als voor de drinkwatervoorziening. Dat leidt snel tot daling van het grondwater en het droogvallen van beken.’ De waterschappen moeten registreren hoeveel er wordt beregend, maar hoeveel boeren bodemputten hebben, is volgens Witte slecht bekend. ‘Boeren beconcurreren elkaar onderling. Als een boer de beregeningsapparatuur uitzet, gaat de opbrengst van de buurman omhoog. Je moet het waterbeheer niet overlaten aan particulieren.’

weidevogels
Natuurmonumenten vraagt zich af wat er nu echt is veranderd sinds de Beleidstafel Droogte, zegt Wiebe Borren, hydroloog bij de natuurorganisatie. ‘Veel waterschappen zetten sinds 2018 de stuwen niet klakkeloos overal omlaag. Maar op veel plekken gaat nu de beregening alweer aan en is het dus weer business as usual.’ Voor de weidevogels wordt het alweer spannend, vertelt hij. Het voorjaar van 2019 was desastreus voor deze vogels, omdat ze moeilijk voedsel kunnen vinden als de bovenste bodemlagen uitdrogen en bodemdieren zich dieper terugtrekken. ‘De weidevogels kunnen nog voedsel vinden, mede door het aanbod van de waterschappen, maar het begint voor de kuikens al lastiger te worden, zeker buiten de natuurreservaten.’ <
april blijft overwegend droog
‘Het heeft al sinds medio maart niet meer geregend’, vertelt meteoroloog Reinier van den Berg.
‘Toen hebben we een heel natte periode afgesloten. In De Bilt is het in de periode 15 februari tot 15 maart niet eerder zo nat geweest. Het regende vrijwel elke dag. De grondwaterstanden zijn toen verbeterd. Het zonnige weer begon op 20 maart. Door het droge en zonnige weer zijn de grondwaterstanden weer aan het dalen, soms met wel vijf centimeter per week. De bovenste decimeters van de bodem zijn behoorlijk uitgedroogd. Voor de gewassen die nu worden ingezaaid is dat vervelend. De planten die ondiep wortelen in die toplaag, profiteren niet meer van de verbeterde grondwaterstanden. Er wordt op veel plekken beregend.’
April is altijd al een relatief droge maand, zegt Van den Berg. ‘Deze april is nog veel droger dan normaal, er valt vrijwel geen regen. Het zou me niet verbazen als deze maand in de top 5 komt van droogste aprilmaanden sinds 1901.
Hij komt zeker in de top 10.

De rest van de maand houden we overwegend droog weer. Er staat vaak een noordoostenwind. Het wordt niet extreem warm meer; het blijft rond de 15 graden. Er kan eens een bui vallen, net zoals die op eerste paasdag op sommige plaatsen viel.’
Het is te vroeg om erg ongerust te zijn over deze droge periode, vindt hij.
‘Het is wel iets om in de gaten te houden. Als dit weerpatroon in mei doorgaat, wordt het een probleem, want daarna komt de zomer; bij uitstek de periode waarin het warm wordt en er veel water verdampt.’